Op Tenerife kun je van alles doen: van wandelen in een vulkaanlandschap en walvissen spotten tot zonnen op zwarte stranden en uitstapjes naar schilderachtige dorpjes. Het eiland biedt zoveel meer dan een standaard strandvakantie, en dat maakt het geschikt voor bijna elk type reiziger. Hieronder vind je de meest concrete tips om het meeste uit je bezoek te halen.
El Teide: wandelen en sterrenkijken in het nationale park
De Teide is de hoogste berg van Spanje en het absolute middelpunt van het eiland. Het nationale park eromheen is UNESCO-werelderfgoed en biedt spectaculaire wandelroutes door een mars-achtig landschap van lavarotsen, puimsteen en kraters. Je kunt met de kabelbaan omhoog tot op zo’n 3.500 meter, maar de absolute top bereik je alleen met een vergunning die je ruim van tevoren moet aanvragen via de Spaanse nationale parkenwebsite.
Wat veel bezoekers missen: de Teide is ook een van de beste plekken ter wereld voor sterrenkijken. Op heldere avonden is de sterrenhemel hier bijna onwerkelijk duidelijk, mede door de grote hoogte en het gebrek aan lichtverontreiniging. Er zijn georganiseerde sterrenkijktours die ook telescopen meenemen, ideaal als je er zelf weinig verstand van hebt. Een zonsondergang boven de wolken meemaken op de Teide staat op de wenslijst van veel reizigers, en terecht.
Walvissen en dolfijnen spotten voor de kust
De wateren ten zuiden van Tenerife, rondom Los Gigantes en Los Cristianos, behoren tot de beste plekken in Europa om walvissen en dolfijnen in het wild te zien. Gevinde potvisjes en gewone dolfijnen leven hier het hele jaar door. Boottochtjes van twee tot drie uur vertrekken dagelijks vanuit verschillende jachthavens. Let bij het kiezen van een tour op het maximaal aantal passagiers: kleinere boten geven een rustiger en dichterbij gevoel. Hoe kleiner de groep, hoe groter de kans dat je de dieren van dichtbij ziet zonder drukte om je heen.
Masca: de mooiste wandeling van het eiland
Het dorpje Masca hangt spectaculair in de bergen van het Teno-massief, in het noordwesten van het eiland. De wandeling door de Masca-kloof naar het strand beneden is de bekendste hike op Tenerife. Het pad is technisch niet heel zwaar, maar wel steil en rotsachtig. Reken op twee à drie uur afdaling. Onderaan vaar je met een bootje terug naar Los Gigantes, wat de tocht extra avontuurlijk maakt. Controleer altijd of het pad open is voor je vertrekt, want bij slecht weer wordt het regelmatig gesloten.
Zwarte stranden en zoutvlaktes in het zuiden
Tenerife heeft zowel goudkleurige als zwarte stranden. Playa Jardín bij Puerto de la Cruz is een mooi voorbeeld van een zwart lavastrand, ontworpen door de lokale kunstenaar César Manrique en omgeven door tropische tuinen. In het zuiden vind je de populaire stranden van Playa de las Américas en Los Cristianos, met fijnere zand dat deels is aangevuld. Wie rust zoekt, gaat iets verder richting El Médano, een breed windstrand dat populair is bij kitesurfers en paragliders.
Vlakbij het zuiden liggen ook de Salinas del Médano: kleine zoutvlaktes die flamingo’s aantrekken. Een korte omweg waard als je van vogels of fotografie houdt.
Anaga: groen en onontdekt in het noorden
Het Anaga Rural Park in het noordoosten is een wereld apart. Hier vind je dicht laurierboswoud, kleine bergdorpjes zonder toeristische drukte, en smalle kronkelwegen met uitzicht over de oceaan. De wandelroutes door Anaga zijn minder bekend dan de Teide, maar minstens zo indrukwekkend. Beginnersvriendelijke routes voeren langs verlaten stranden zoals Playa de Benijo. Het gebied is ook populair voor mountainbikers.
Santa Cruz en La Laguna: cultuur en eten
De hoofdstad Santa Cruz de Tenerife is de moeite waard voor een halve dag. Wandel door de Rambla de Santa Cruz, bezoek het Museo de la Naturaleza y el Hombre of kijk een kijkje in de markthal Mercado de Nuestra Señora de África. Vlak ernaast ligt La Laguna, een UNESCO-werelderfgoed stadje met kleurrijke gevels, tapasbarretjes en een levendige studentencultuur. De combinatie van beide steden geeft een goed beeld van het echte Canarische leven.
Praktische tips voor wat te doen op Tenerife
- Huurauto: bijna onmisbaar als je buiten de toeristische zuidkust wilt komen. Openbaar vervoer bestaat, maar is traag en niet altijd frequents.
- Beste reistijd: het hele jaar door aangenaam, maar lente en herfst zijn ideaal voor wandelen. In de zomer is het in het zuiden erg druk en heet.
- Vergunning Teide-top: vraag dit minimaal twee weken van tevoren aan via de officiële Spaanse parkenwebsite. Gratis, maar plaatsen zijn beperkt.
- Walvistours: boek bij een operator die zich aan de officiële observatieregels houdt (minimale afstandsregels gelden vanuit Spaanse wetgeving). Kleinere boten zijn diervriendelijker.
- Masca-kloof: draag goed schoeisel, neem voldoende water mee en check het weerbericht. Regenval maakt het pad gevaarlijk.
Tenerife beloont reizigers die verder kijken dan het hotelstrand. Of je nu wandelt door een oerwoud, dolfijnen ziet springen naast een boot of de zon ziet zakken achter de Teide, het eiland heeft genoeg om een week of twee goed te vullen. Begin met een activiteit die bij je niveau past en bouw van daaruit verder.

























