Gran Canaria met de auto ontdekken is de beste manier om de mooiste bezienswaardigheden te bereiken. Veel van wat het eiland te bieden heeft, ligt buiten de toeristische kustplaatsen en is alleen goed bereikbaar met eigen vervoer. Denk aan indrukwekkende bergdorpjes, vulkanische kraters en eeuwenoude archeologische plekken die je met een huurauto op je eigen tempo kunt verkennen.
Het eiland is relatief klein maar gevarieerd: van de zandduinen in het zuiden tot het groene binnenland in het noorden. Een goede route maakt het verschil tussen een rondleiding langs de highlights en een echte roadtrip die je bijblijft. Hieronder vind je de bezienswaardigheden die het meest de moeite waard zijn, geordend per route.
Route 1: het zuiden, de duinen en de kust
Start je roadtrip in het zuiden van Gran Canaria, dan kom je als eerste langs Maspalomas. De duinen hier lijken op een mini-Sahara en zijn te voet te verkennen. Je parkeert bij de vuurtoren (Faro de Maspalomas) of bij het nabijgelegen strand. Loop niet te lang in de middag door de duinen: de zon is er onbarmhartig.
Rijd daarna door naar Puerto de Mogán, een vissersdorpje in het zuidwesten dat vaak “Klein Venetië” wordt genoemd vanwege de kanalen tussen de huisjes. De haven is aangenaam om door te lopen en de kust is er rustiger dan in de grote resorts. Vanuit Mogán kun je de smalle bergwegen omhoog rijden richting het binnenland, maar let op: die wegen vragen om een ervaren rijder en een auto die de bochten aankan.
Bezienswaardigheden Gran Canaria met auto in het binnenland
Het binnenland is het meest bijzondere deel van Gran Canaria en precies de reden waarom een auto onmisbaar is. Roque Nublo, de vulkanische rots die boven het eiland uittorent, is het absolute hoogtepunt. Je parkeert bij een kleine parkeerplaats langs de GC-600 en loopt dan ongeveer 45 minuten naar de top. Het uitzicht over het hele eiland is het zweet waard.
Vlak bij Roque Nublo ligt Tejeda, een van de mooiste bergdorpjes van het eiland. De witte huisjes, de amandelboompjes (in bloei in januari en februari) en de terrassen met lokale amandeltaart maken het een perfecte tussenstop. In het dorp zelf rijden maar weinig toeristen, waardoor het er aangenaam rustig is.
Verder noordelijk in het binnenland ligt Artenara, het hoogst gelegen dorp van Gran Canaria. Sommige inwoners wonen nog in grotten, uitgehakt in de rotswanden. Vanuit het uitzichtspunt bij de kapel heb je een panorama dat je nergens anders op het eiland vindt.
Het noorden en de oude stad Las Palmas
Las Palmas de Gran Canaria, de hoofdstad, verdient minimaal een halve dag. De wijk Vegueta is de historische kern en bevat het huis van Christoffel Columbus (Casa de Colón), een museum dat gratis of voor een kleine bijdrage te bezoeken is. Parkeren in het centrum kan lastig zijn; gebruik de betaalde parkeergarages aan de rand van Vegueta en loop de rest.
Ten noorden van Las Palmas ligt Arucas, bekend om de imposante neogotische kerk die midden in het dorp staat en door veel bezoekers wordt aangezien voor een kathedraal. Vlak bij Arucas bezoek je de banana-plantages en optioneel de lokale rumfabriek, die rondleidingen aanbiedt.
Verder langs de noordkust vind je Gáldar en Guía, twee dorpen die laten zien hoe Gran Canaria eruitziet zonder toerisme. In Gáldar liggen de Cuevas Pintadas, een beschermde archeologische site met muurschilderingen van de oorspronkelijke bewoners van het eiland, de Guanchen. Dit is een van de weinige plekken waar je die geschiedenis direct kunt zien en aanraken.
Route tips en praktische informatie voor de roadtrip
De wegen in het binnenland zijn smal en bochtig. Een kleine auto is prettiger dan een grote SUV, al zijn de wegen goed geasfalteerd. Houd rekening met mist op de bergwegen, vooral ’s ochtends vroeg. GPS werkt prima op het eiland, maar in afgelegen gebieden kun je beter ook een offline kaart downloaden.
Een handige volgorde voor een route langs de meeste bezienswaardigheden:
- Dag 1: Maspalomas en Puerto de Mogán (zuiden)
- Dag 2: Tejeda, Roque Nublo en Artenara (binnenland)
- Dag 3: Las Palmas, Vegueta en Casa de Colón (hoofdstad)
- Dag 4: Gáldar, Cuevas Pintadas en Arucas (noorden)
Benzinestations zijn in het binnenland schaars. Tank voor je een bergrit begint, ook als de tank nog half vol is. Parkeren is bij de meeste bezienswaardigheden gratis of kost weinig, behalve in Las Palmas zelf.
Wat je kunt overslaan
De drukke kuststrips rond Playa del Inglés en Maspalomas zijn gemakkelijk lopend of met bus te bereiken en hoeven niet per se met de auto. Hier is parkeren bovendien een uitdaging. De auto is juist waardevol voor de plekken die de bus niet haalt: de bergdorpjes, de uitkijkpunten en de archeologische sites in het binnenland. Wil je alleen relaxen op het strand en op de boulevard wandelen, dan heb je de auto die dag niet nodig.
Gran Canaria met eigen auto geeft je een vrijheid die geen busreis of excursie biedt. De mooiste plekken op het eiland zijn precies de plekken die je met een huurauto bereikt: stil, onverwacht en zonder de mensenmassa’s van de grote resorts. Plan je route van tevoren, rij rustig op de bergwegen en neem de tijd voor de kleine dorpjes. Dat maakt de roadtrip de moeite waard.




























